Bodemdaling
Bodemdaling in landelijk gebied
In landelijk gebied kan de bodem dalen doordat deze uitdroogt. Doordat de bovenste laag van de grond drooggehouden wordt om te wonen en werken, is deze gevoelig voor bodemdaling. De droge bodem krimpt en verdwijnt omdat het wordt opgegeten door bodemleven.
Het gebruik van grondwater door planten en bomen (vooral in de zomer als het lang droog is) zorgt dat de grondwaterstand daalt en bodemdaling vooral in warme en droge periodes optreedt. In lange natte periodes kan de veenbodem juist wat stijgen. Bij kleibodems leidt uitdroging tot samendrukken, waardoor bodemdaling optreedt. In veengronden zorgt de uitdroging ook voor het compacter worden van de bodem door het eigen gewicht. Omdat veen vooral bestaat uit plantaardig materiaal, kan deze veenbodem bij uitdroging nadat het ingedrukt is alsnog verteren en daarmee op termijn verdwijnen en verder dalen.
Bodemdaling in stedelijk gebied
Ook stedelijk gebied en de wegen in het buitengebied kunnen wegzakken. Als stedelijk gebied en wegen worden aangelegd op een slappe bodem, wordt de bodem vaak opgehoogd met ophoogmateriaal (zoals zand) om een hogere en stevige fundering te hebben om op te bouwen. Door dit extra gewicht wordt de klei- en veengrond in elkaar gedrukt en daalt de bodem. Na aanleg van een woonwijk kunnen tuinen, wegen en groenstroken nog jaren dalen. Dit leidt niet alleen tot werk en kosten voor gemeenten (in het openbaar gebied), maar ook voor woningeigenaren (privaat terrein).
Bodemdaling in de Krimpenerwaard
In het grootste veengebied binnen onze waterschapsgrenzen, de Krimpenerwaard, vindt bodemdaling plaats. Hoe komt het dat de bodem in de Krimpenerwaard daalt? Wat zijn de gevolgen? Wat kan er aan gedaan worden? Om hier antwoord op te kunnen geven, wordt veel onderzoek gedaan, zowel door ons als door landelijke onderzoeksprojecten waarin wij participeren. Voorbeelden hiervan zijn het National Onderzoeksprogramma Broeikasgassen Veenweide (NOBV), Veenweiden Innovatie Programma Nederland (VIP-NL), Living On Soft Soils (LOSS), maar ook de pilot om klei in veen uit te testen in de Krimpenerwaard.
Reportage ‘Het Dikke Water’
Bodemdaling is een ingewikkeld onderwerp waarbij veel verschillende dingen samenkomen. Om dit op een laagdrempelige manier uit te leggen, is een tweedelige reportage met de naam ‘Het Dikke Water’ gemaakt. Deze reportage is onderdeel van de serie 'Zeespiegels'. Al eerder verschenen binnen deze serie vier afleveringen over het effect van klimaatverandering op de stad Rotterdam.
Een korte introductievideo (trailer) geeft uitleg over de tweedelige reportage 'Het Dikke Water'.
Aflevering 1: een introductie op het veen, het ontstaan van de ondergrond en de ligging van het gebied.
Sinds mensen in het veenweidegebied wonen, daalt de bodem. Nu we het land steeds intensiever bewonen en gebruiken, nemen de kosten van bodemdaling verder toe. Daarbij maakt de combinatie van bodemdaling en zeespiegelstijging dat dijken steeds hoger moeten worden. Toenemende kosten maken dat de vraag steeds urgenter wordt: hoe kunnen we voorkomen dat het leven te duur wordt door toepassing van slimmere, betere en mogelijk ook (op de lange termijn) goedkopere wijzen van gebruik maken van het landschap? Gebiedsmanager Jan Oostdam van het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard en hoogleraar Esther Stouthamer van de Universiteit Utrecht geven een introductie over het veenweidegebied.
Aflevering 2: water en bodem sturend.
In aflevering 2 gaan waterschap en wetenschap dieper in op verschillende soorten oorzaken, onderzoeksmethoden en de grote zoektocht naar mogelijke oplossingen. Water en bodem moeten in Nederland sturend worden, dan kun je maar beter zorgen dat de bodem niet verder daalt.
Bodemdaling en woningbouw
De vraag naar meer woningen maakt dat meer en meer nieuwe woonwijken in ons beheersgebied op slappe bodems worden aangelegd. Deze woningen worden voor 50 tot 100 jaar gebouwd. Juist omdat we leven in tijden waarin het klimaat verandert (langere perioden van droogte, hevigere buien en hogere zomertemperaturen) moeten we bij de aanleg al rekening houden met deze veranderingen. Om droge voeten en straten te kunnen blijven garanderen, is het belangrijk dat de zogeheten restzetting (hoe veel zetting mag nog verwacht worden bij de oplevering van de woningen) zoveel mogelijk wordt beperkt.
Daarnaast heeft de landelijke overheid aandacht gevraagd voor het groeiende probleem met ondiep (geen of korte heipalen) en op houten palen gefundeerde woningen. Dit zijn veelal woningen van voor 1950. Hoewel dit een probleem is van de particuliere woningbezitters, hebben overheden hier een rol in. Ons waterschap probeert kennisleverancier te zijn naar overheden om op die manier ook in de toekomst droge voeten en straten te kunnen houden.
Bodemdaling in veengebied Zuidplaspolder vertragen door waterpeilen niet aan te passen
Binnen ons werkgebied zijn er twee grote veengebieden: de Krimpenerwaard en het zuidelijk deel van het Schielandse deel. Waar in de Krimpenerwaard nog dikke veenpakketten aanwezig zijn, zijn deze in de Zuidplaspolder (door de veenwinning) veel dunner. In het restveengebied in het zuidoosten van de Zuidplaspolder, het laagste deel van Nederland, is besloten om het waterpeil niet verder te verlagen om bodemdaling te vertragen. Dit is door het algemeen bestuur vastgelegd in een zogeheten peilbesluit. Dit besluit is genomen, omdat de veenlaag (die het opkwellende grondwater vanuit de ondergrond moet tegenhouden) door bodemdaling zodanig dun aan het worden is, dat het steeds lastiger wordt om het gebied droog te houden.
Doordat de waterpeilen niet aangepast worden aan de bodemdaling, vertraagt bodemdaling. Toch zal de bodemdaling nog wel enige tijd doorgaan. We zorgen er zo wel voor dat de veenlaag dik genoeg blijft om het opkwellende grondwater tegen te houden. Het gevolg van dit besluit is dat de bodem hier steeds natter zal worden, wat ervoor zorgt dat in de toekomst niet alle gebruiksfuncties meer mogelijk zullen zijn binnen dit gebied.
Wilt u meer weten over bodemdaling en wat u kunt doen om het te beperken of te herstellen? Kijkt u dan op de website van het Kenniscentrum Bodemdaling en Funderingen.